Daar zit ik dan. Mijn eerste sollicitatiegesprek in tweeënhalf jaar. Boven mij gewelven, tegenover mij drie paar nieuwsgierige doch kritische blikken. En dan de vraag: ‘Maar waarom wil je déze functie, met mbo-salariëring, als je een universitaire master hebt?’. Tsja, hoe leg ik dat uit?
Hart van de stad
Anderhalve week nadat ik besluit om afscheid te nemen van het nomadenleven, en op zoek ga naar een vaste baan voor twee à drie dagen in Utrecht, vind ik een interessante vacature. Namelijk als tweede beheerder van de Domkerk. Je weet wel, die enorme, prachtige kerk die hoort bij die toren in het midden van Utrecht, te bewonderen van heinde en verre. Daar waar horden toeristen door het gebouw stommelen, Utrechters een kaarsje aansteken, museumbezoekers een koffie drinken in het Domcafé en evenementen zoals concerten en bruiloften plaatsvinden.
Toevallig – of niet – sprak ik een week daarvoor nog de beheerder van de Joriskerk in Amersfoort, toen ik als locatiecoördinator werkte op een muziekfestival. Ik had nog nooit gehoord van de functie beheerder, hoewel mijn vader het vroeger ‘in het klein’ deed in onze eigen kerk. Koster, noem je het dan.
De boel in goede banen leiden, praktische klussen oplossen en aanspreekpunt zijn, dat was de kern. En dat in het hart van Utrecht – niet alleen het geografische hart, maar ook het spirituele hart.
Onder mijn niveau?
Waarom zou iemand met een filosofiemaster op zak zo'n soort baan willen doen? Intellectueel niet erg uitdagend, zou je zeggen, en qua salariëring ook niet proportioneel. Maar ik heb in de afgelopen jaren allang losgelaten wat zou moeten passen bij mij, en ben gewoon op zoek naar dat wat resoneert met mijn hart.
Toch zie ik twijfel in de blikken van de drie paar ogen tegenover me. Ik krijg vragen over mijn freelanceklussen op grote, bruisende festivals, over mijn hoge opleiding… Is dit niet onder mijn niveau?
Grappig eigenlijk, dat idee dat we voor het ‘hoogste’ moeten gaan. Wat is hoog? We hebben als mens toch zo veel meer talenten dan alleen slim zijn? Toch noemen we mensen die praktische, zorgende en sociale banen op zich nemen 'laagopgeleid'.
Wat een onzin. Behalve dat het denigrerend is voor dat belangrijke werk, zorgt het er ook voor dat een heleboel mensen geloven dat ze dus alleen bestemd zijn voor een bepaald werkgebied. In mijn geval ben ik gaan geloven dat ik als talentvolle hoogopgeleide alles uit mezelf moet halen, de ladder moet beklimmen met mijn denken als hoogste goed.
Maar dat heeft vooral veel druk opgeleverd. Ondertussen ontdekte ik tijdens het doen van allerlei soorten freelancewerk en workaways in het buitenland dat ik praktisch of coördinerend werk eigenlijk ook heel leuk vind.
Uit de rat race stappen
Ondertussen zie ik steeds meer mensen om me heen het roer omgooien. Zoals een vriendin van mij die, met een master op zak, anderhalf jaar geleden de studie verpleegkunde begon. Omdat ze voelde dat ze mensen wilde helpen, maar dan echt helpen, in de praktijk.
Een andere vriend, bijna dertig en universitair geschoold in data science en AI, heeft onlangs zijn passie voor het leraarschap op middelbaar onderwijs ontdekt en richt daar nu zijn pijlen op. En weer een andere vriend, gespecialiseerd in energietechnologie, sprak laatst zijn droom uit om te gaan werken met zijn handen, met hout. Om een tiny house te bouwen.
Of mijn vroegere buurman, in wiens huis ik op dit moment vertoef. Hij werkte als afdelingshoofd en manager bij een bank, maar stopte daar en begon zijn eigen schildersbedrijf. Ook ontdekt hij nu zijn liefde voor de boerderij en de natuur. Zijn zoon, tot voor kort teamleider in de Albert Heijn en brandweerman, is zojuist een sabbatical begonnen om erachter te komen wat hij nu echt wil.
Het is een goede trend, wat mij betreft. Deels is het spannend, tenminste voor de samenleving, want steeds meer mensen belanden in burnouts of kunnen om andere redenen de hoge verwachtingen op werk niet meer aan. Maar dat betekent vooral dat we beginnen te realiseren dat we veel te lang hebben mee gerend, en dat we ook best eens stil mogen staan om te reflecteren op ons leven, en te voelen wat we het liefst zouden doen.
Daarmee zien we hopelijk ook in dat er geen hiërarchie in werksoorten zou moeten zijn. Het idee van ‘laag’ en ‘hoog’ beperkt ons van jongs af aan in ons denken, beperkt ons in onze individuele mogelijkheden en kracht, en daarmee houdt het een natuurlijke verdeling van werk in de samenleving tegen. Het duwt de intellectuelen in een keurslijf, en denigreert anderen.
Wat zou jij doen als geen enkele baan ‘laag’ of ‘hoog’ was en alles van evenveel waarde is? Als reputatie geen ding was en je gewoon mocht kiezen waar je goed in bent of van houdt?
Op naar Utrecht
Hoe dan ook… Ik ben aangenomen! Vanaf half augustus begin ik als beheerder in de Domkerk.
Ondertussen werk ik ook mee aan de uitbreiding van een Amsterdamse organisatie genaamd De Kwekerij, die jongeren en young professionals handvatten biedt om te reflecteren over levensvragen. Toevallig kwam ik een vriend tegen die hier werkt, en op zoek was naar hulp om De Kwekerij in Utrecht op te zetten.
En dan nu een woonplekje vinden. Ik ben bezig met een mogelijkheid, een hele leuke, namelijk wonen bij een goede vriendin in Utrecht. Die ene van verpleegkunde. Dus daar duimen we voor.
Hasta la próxima vez!
Reactie plaatsen
Reacties