Ik schrijf een boek over vrije liefde. En nee, dat verwijst niet naar het doen met jan en alleman. Het gaat niet eens alleen over liefde. De vrije liefde waar ik het over heb, gaat over innerlijke vrijheid, de wisselwerking tussen emoties en overtuigingen en patronen oplossen. En daarbij past zelfs een soort liefdesethiek. De uitkomst van mijn eigen existentiële onderzoek, waarbij ik altijd besef dat alles uiteindelijk een subjectieve ervaring is.
Kristallisatie
Sinds ik niet meer constant van huis wissel, heb ik een rustige plek om aan mijn boek te schrijven. Al ruim een jaar doe ik dat bijna elke ochtend een uur of twee, drie. Zelfs voor werk probeer ik nog even wat te schrijven - ook al vergeet ik dan nog weleens de tijd.
Soms loop ik vast. Vooral als mijn eigen ideeën elkaar tegenspreken, want alles valt te nuanceren, relativeren, om te draaien. Dat is zowel de zegen als vloek die de studie filosofie achterlaat. Maar uiteindelijk blijkt alles een natuurlijk geheel te vormen, waar ook schijnbare paradoxen deel van zijn.
De aanleiding voor dit boek is mijn, of ‘het’, liefdesleven.
De relatie die ik had, de scheiding van mijn ouders, wat ik zag bij mensen om me heen, de oplossingen die werden bedacht en - voor mij - niet werkten. Anderhalf jaar geleden schreef ik er al wat over in mijn blog.
Over het pad dat ik aflegde richting een open relatie, en vervolgens iets wat ik vrije liefde noemde.
En in de tussentijd ben ik blijven onderzoeken, blijven leren. Hoe meer inzichten ik opdeed, en die toetste op mijn ervaring, en nieuwe inzichten opdeed, hoe meer een soort kristallisatieproces ontstond. Ik ontdeed de ervaring van allerlei laagjes, veronderstellingen, waardoor de ervaring zelf steeds simpeler, rustiger werd.
Er kwam een soort kern vrij die resoneerde, beter voelde dan al het andere. Alsof een lang ingehouden adem kon ontsnappen.
Subjectieve ervaring
Blijkbaar is je ervaring op deze manier onderzoeken, daar gemene delers uithalen, die verwoorden in principes en vervolgens toetsen in je ervaring, typisch een bezigheid van het existentialisme. Een stroming die ik nauwelijks heb onderzocht in mijn studie, ondanks dat 'existentieel' een van mijn favoriete woorden is.
De existentialist ziet dat iedereen een subjectieve ervaring heeft, en je dus nooit echt iets universeels kan zeggen. Waardoor ik me soms een beetje raar voel als ik aan het schrijven ben en een boodschap probeer over te brengen. Want dit is míjn ervaring en proces, en de boodschap is er misschien vooral een die ik aan mezelf wil vertellen. Aan de andere kant zijn er genoeg denkers die iets vergelijkbaars hebben geschreven of gezegd.
Mijn grootste objecten van onderzoek waren mijn emoties.
Die zaten mij vroeger vaak in de weg; ze namen me over, ik wás de emotie. Maar, blijkt, emoties zijn er niet zomaar, ze hebben een reden en willen je iets over jezelf duidelijk maken. Namelijk een reden die dieper zit, en in principe losstaat van de specifieke situatie waarin je de emotie krijgt.
Dus onderzocht ik bij alle emoties die in me opkwamen die diepere reden. En dat begon bij gewoon ermee zitten. Hoe het precies voelde, welke subtiele verschillen er waren in vergelijkbare emoties, waar het zich in mijn lichaam bevond, of er een andere emotie mee gepaard ging. En welke gedachten of overtuigingen er opkwamen.
De belangrijkste skill die ik in dit proces moest leren, was mezelf een beetje loskoppelen van die emoties en gedachten.
De stilte van het bewustzijn opzoeken en die onrustige innerlijke wereld van een afstandje bekijken.
Emoties zijn informatie. Een bron van zelfkennis. De wisselwerking tussen emoties, triggers en onbewuste overtuigingen ontdekken, en het feit dat je er niet aan overgeleverd bent maar met terugwerkende kracht mee aan de slag kan gaan, voelde als een kosmische grap.
Al die tijd, recht onder mijn neus, zo 'simpel'.
Liefde onderzoeken
Hoe meer ik hiermee aan de slag ging, hoe sneller ik emoties en de diepere reden daarachter on the spot doorzag. Dus niet alleen als ik in kleermakerszit in m’n kamer met meditatief muziekje op lekker zat te voelen, maar ook als ik werd getriggerd op werk, op straat, bij vrienden of familie. En ik ging zelfs een beetje op zoek naar dat soort situaties.
Een dag niet getriggerd is een dag niet geleefd, zeg ik altijd maar!
Zo ging ik ook ‘aan de slag’ in mijn liefdesleven, ofwel mijn dateleven. Bij elke persoon met wie ik afsprak, of die ik ontmoette en waar ik iets bij voelde, bleef ik bewust bij de momenten waarin iets in me werd aangeraakt.
Zoals me afgewezen voelen, verliefd worden, verlangen en mezelf erin verliezen.
Waar kwam dat verlangen vandaan, en waar was het nu echt op gericht? De ander, een deel van die ander, een deel in mezelf, een bepaald gevoel, een toekomstbeeld, een fantasie...?
Ik liet die emoties niet zomaar gebeuren, niet aan mijn onderzoekend oog voorbij gaan. Het was een periode waarin ik eerder aan het daten was om mezelf beter te leren kennen, dan dat ik daadwerkelijk naar iemand op zoek was. Tegelijkertijd stond ik open voor wat er kon ontstaan, want met gesloten hart kan je de liefde niet onderzoeken.
En die nieuwe soort liefde, ofwel vrije liefde, kwam steeds meer tevoorschijn. Alsof ik een sluier omhoog trok. Die liefde was anders dan ik gewend was, en contrasteerde met mijn vroegere beeld ervan. En op welke manier het tot uiting kwam in mijn relaties en interacties met mensen. Het voelde beter en ik wilde dit belichamen, alleen bleek dat nog niet zo makkelijk.
Wie ik was en wat ik vroeger dacht, sluimerde.
Maar ik bleef oefenen. En formuleerde mijn inzichten hierover, begon het stiekem een filosofie te noemen. In mijn boek passeren dan ook veel ideeën rondom liefde de revue: verlangen, verliefdheid, relatie, verbinding, afwijzing, intimiteit, wederzijdsheid, behoeften, toewijding, wederkerigheid, houden van, opoffering, gemis, afhankelijkheid, liefdesverdriet, afkeer, jaloezie, begeerte… Het hele spectrum.
Ontleden, beredeneren en herdefiniëren dus. Is het niet wat rationeel allemaal? Gaat niet alle magie verloren als je de liefde zo analyseert? Liefde kan je helemaal niet verklaren, moet je niet willen verklaren. Het is een mysterie, dat is ook juist het mooie ervan.
Ja, is dat het?
Of zijn we stiekem bang voor wat we vinden onder het oppervlak?
Wat we ontdekken over onszelf als we ons liefdesleven onder een vergrootglas leggen? Dat was bij mij in ieder geval wel zo.
Ik wilde liever vasthouden aan wat ik altijd had geloofd, de veiligheid, dan dat ik in het diepe moest springen. Gelukkig is er voor mij niets verloren gegaan, en is de liefde alleen maar magischer geworden. In die zin ben ik nog steeds een passievolle romanticus.
Een keuze
Vrije liefde, of zoals ik het liever zou noemen dé Liefde, zie ik als iets dat je kan ontwikkelen in jezelf. Het is een soort principe van waaruit je kan leven. Nastrevenswaardig, maar niet makkelijk, en misschien nooit helemaal te bereiken.
Anders waren we allemaal al wel Moeder Theresa geworden.
Maar wel mogelijk, in gradaties. Het is een bewustzijnsverandering, die onlosmakelijk en zelfs noodzakelijk verbonden is met innerlijke vrijheid.
Vrijheid speelt in mijn boek een belangrijke rol. ‘Wat voor vrijheid?’ vraagt de doorgewinterde politiek filosoof. Negatieve, positieve?
Allebei niet. De vrijheid die ik bedoel is er eentje die je vindt als je voorbij je complex van veronderstellingen en overtuigingen over jezelf en de wereld gaat. Waar je niemand meer bent, en toch ook alles tegelijk. Een vrijheid waar liefde onlosmakelijk mee verbonden is, hoe paradoxaal dat in eerste instantie misschien klinkt.
Ik denk dat de wereld er een betere plek van wordt als we allemaal, als individuen, wat meer van deze liefde en vrijheid zoeken in onszelf. We dragen daar zelfs verantwoordelijkheid voor, zou je kunnen zeggen, als het mogelijk is.
Maar ja, te veel streven gaat het doel ook weer voorbij. Als er iets is dat we minder zouden mogen doen, is het streven. Gelukkig is willen is iets anders dan streven. En dan komen we weer bij een conclusie van de existentialisten, namelijk dat je als individu altijd zelf moet kiezen, wat je doet, hoe je leeft, of je vergeeft.
Feestje
Als het nog niet duidelijk was: vrije liefde is dus niet per definitie polyamorie, tenminste niet voor mij. Vrije liefde kan je net zo goed in een exclusieve relatie ontwikkelen. In welke vorm je het giet, is aan jou, want het is een innerlijke staat van zijn. Maar die vorm is wat mij betreft nooit rigide, nooit vaststaand, en kan vandaag anders zijn dan over drie jaar.
Liefde heeft geen vorm, alleen tijdelijk.
Zij is in essentie universeel, en zit in ons allemaal, in het leven zelf. Die liefde omarmen, dat is ware vrijheid.
Mijn boek is een uitnodiging tot zelfonderzoek, waarbij filosofie van vrije liefde de leidraad is. Ik hoop dat de inhoud lezers net zo veel brengt als wat het mij heeft gebracht.
Reactie plaatsen
Reacties